Van de Laar: samenwerken met het oog op de toekomst

16 februari 2021

Peter van de Laar houdt samen met compagnon Bennie honderdvijftig koeien. Daarnaast bewerken ze negentig hectare grond, waarvan 55 hectare van henzelf. “Ik heb een mooi leven als boer”, vindt hij. “Ik doe mijn eigen mechanisatie. We hebben een machinepark in eigen beheer en mensen die helpen wanneer nodig.“

Melkveebedrijf Rond de Berken uit Nistelrode bestaat al meer dan negentig jaar en werkt al bijna vijfentwintig jaar samen met Van Vulpen Veevoeders. “Ik ben nog op de bruiloft van Maarten geweest”, lacht Peter. “Maarten staat hier in de omgeving bekend als een goede, betrouwbare factor. Je weet wat je aan elkaar hebt, er valt altijd te praten en de intentie aan weerszijden is om het goed te doen.” “We hebben gewoon een klik”, knikt Maarten. “En op telen van ruwvoer sta je je mannetje, moet ik zeggen. Complimenten.”

Peter van de Laar

Rond de Berken kent een lange geschiedenis, deels geijkt op de wilskracht van vader Theo van der Laar, ‘Téé ’ voor ingewijden. “Het bedrijf is ooit gestart door mijn opa”, vertelt Peter. “Dat is een uniek verhaal, want toen mijn vader een jaar of negen was, overleed zijn pa. Ze hebben de boerderij met een knecht doorgezet en met veertien of vijftien jaar was mijn vader zelfstandig boer. Er stond een oud boerderijtje op de plaats wat nu de jongveestal is. Maar er staat nu niets meer uit die tijd.”

“We zijn begonnen met één bunder huiskavel”, vervolgt hij. “In ‘65 heb ik er 5,5 bunder grond bijgekocht; en toen had ik 21 stukken land.” In 2009 slaat Peter de handen ineen met compagnon Bennie en gaan beide boerenbedrijven verder als een VOF. “We kuilden een jaar of vijf voor die samenwerking samen in, dat gebeurde in die tijd veel meer”, zegt hij.

“Officieel doet Bennie vooral de trekkerwerkzaamheden en Peter de koeien, maar eigenlijk doen we beiden.” Die samenwerking bevalt goed: “Het zorgt voor een andere dynamiek binnen het bedrijf”, vindt hij.

“Je weet wat je aan elkaar hebt, er valt altijd te praten en de intentie aan weerszijden is om het goed te doen.”

“Ik zie een toekomst. Het bedrijf is groot genoeg, dus we hoeven niet uit te breiden. Aan bouwen en de milieuvergunning doen we niets meer, maar we willen wel rechten bijkopen. Ik hoop dat ik iemand vind, die het over wil nemen”, besluit hij. “Mijn zoon en dochter tonen vooralsnog geen interesse, dus misschien iemand uit mijn kennissenkring. Maar ik ben 53, dus ik heb geen haast.”